VOERTUIG DYNAMICA

Dinsdag 9 februari was de heer Atte Roskam uit Zwolle in Wierden te gast om een lezing te verzorgen over voertuigdynamica. Atte houdt zich al jaren bezig met voertuigtechniek en was o.a. 12 jaar lang voorzitter van de ATC afdeling Zwolle, werkte 10 jaar bij Kluwer Technische Boeken in Deventer en heeft zitting in nogal wat voertuigtechnische commissies. Daarnaast speelt hij ook een rol in de racerij en in de Technische Commissie, die zich bezig houdt met de keuring van aan de races deelnemende voertuigen.
Als uitgangspunt nam Atte de besturing van een paardewagen. Dit werkte voor de relatief lage snelheden prima. Hier waren al opmerkelijke ontwikkelingen te herkennen zoals de vering en het spelen met verschillende wielstanden. Er was natuurlijk een groot verschil tussen een rijtuig met paardentractie en besturing via een centraal draaipunt van de vooras en een automobiel. Vooral door de toenemende snelheden moest er nodig wat aan de besturing van voertuigen veranderen.
Als belangrijkste voertuigbewegingen kunnen worden beschouwd het gieren (pendelen om verticale as), rollen (pendelen om horizontale as in langsrichting) en knikken (pendelen om horizontaleas in dwarsrichting).
Vervolgens kwamen de begrippen onderstuur (afgelegde bocht ruimer dan aangegeven door de stand van de uitgestuurde voorwielen), overstuur (afgelegde bocht krapper dan aangegeven door de stand van de voorwielen) en neutraalstuur (afgelegde bocht is in lijn met de stand van de voorwielen). Van belang daarbij is de ligging in langsrichting van het zwaartepunt van het voertuig ten opzichte van de ligging in langsrichting van het neutrale stuurpunt.
De banden spelen vandaag de dag natuurlijk ook een grote rol in het gedrag van een voertuig. Atte vond het begrip “wiel” best belangrijk en zomede gaf hij als definitie van het wiel de combinatie van wielschijf en velg. Om te voldoen aan de soms bijna tegenstrijdige eisen voor het gedrag in de zomer en in de winter is de moderne autoband erg gecompliceerd geworden. Ander belangrijke eigenschappen van de band
zijn de slijtvastheid, de geluidsproductie en de tractie op het wegdek. Atte ging nader in op de verschillende begrippen, die van belang zijn voor de voertuigeigenschappen, waarbij er een nadrukkelijke wisselwerking is tussen de eigenschappen van de band en het voertuiggedrag. Daarbij kwam ook het belang van een correcte bandenspanning naar voren in verband met de grote invloed op het voertuiggedrag met name in de bochten. Overigens vond dhr. Roskam, dat het bandenlabel eigenlijk alleen informatie geeft over de veiligheidseigenschappen.
Na de pauze ging Atte verder met de wielstanden.Bij de wielstanden ging het eerst weer over de definities. Eerst de wielsporing, met toespoor of uitspoor. Dit is de mate waarmee de linker en de rechterwielen aan de voorzijde respectievelijk naar elkaar toe gericht of van elkaar af gericht staan. In de racewereld wordt vaak met uitspoor gereden in verband met het bochtgedrag.
Dan is er de wielvlucht (Camber). Dit is in het verticale vlak de hoek door het hart van het linker en het rechter wiel tussen het vlak van een wiel en de verticaal. De wielstanden kunnen zo aan de boven kant naar elkaar toe zijn gericht (negatieve wielvlucht) of juist van elkaar af staan, zoals
vroeger bij pendelassen (positieve wielvlucht).
Dan is er de King Pin Inclination (KPI), de stuurpenkanteling, of wel de hoek, waarmee de stuurpen naar achteren is gekanteld, een maatregel om het terugstuureffect te bevorderen.
En tenslotte de schuurstraal, de afstand van de projectie van de stuurpen en het vlak van het voorwiel, gemeten in het vlak loodrecht op de rijrichting van het voertuig.
Via de opmerkingen van de spreker over zijn ervaringen in de autoracewereld viel ook nog op te maken dat de racerij voor de technici een zeer arbeidsintensieve activiteit is, wanneer aan alle technische en andere voorschriften moet worden voldaan.

De FOTO´S VAN DEZE AVOND staan online.

Datum: 
dinsdag, 9 februari, 2016